Beklaagdenbank: mislukt kroon- en brugwerk

17 juni 2019

Fouten maken is menselijk. Als je er echter herhaaldelijk op wordt gewezen dat je een fout hebt gemaakt, en je erkent die fout niet maar volhardt erin de verantwoordelijkheid bij een ander te leggen dan heb je een probleem. Dat blijkt ook uit de uitspraak van het RTG in deze casus.

Klacht

Klaagster heeft zich in 2010 bij de tandartspraktijk ingeschreven. In 2017 is afgesproken dat de tandarts in de onderkaak van klaagster diverse kronen en bruggen zou plaatsen en dat de bovenkaak door hem geheel voorzien zou worden van kronen. Nadat het werk aan de onderkaak van klaagster klaar was en de bovenkaak voorzien was van noodkronen, mislukte tweemaal achter elkaar de afdruk voor de definitieve kronen. Klaagster begon te twijfelen aan de deskundigheid van de tandarts en won een second opinion in. Daaruit blijkt, samengevat, dat de vervaardigde kronen van de onderkaak een slechte randaansluiting hadden en over de outline van de preparatie staken. Ook waren er interdentaal cementresten en was de gingiva gegeneraliseerd ontstoken. Het advies was de kronen te vervangen om te voorkomen dat de patiënt veel plaque-accumulatie en cariës zou krijgen. De bovenkaak was voorzien van een voorziening die niet aan de eisen voldeed en had een verstoorde occlusie. Het advies was hier om de huidige noodvoorziening eruit te halen en een nieuwe te vervaardigen. Klaagster heeft daarop een aangetekende brief, met daarbij de second opinion naar de tandarts gestuurd, die daarop niet heeft gereageerd.

Verweer

Volgens tandarts waren zijn werkzaamheden nog niet afgerond toen klaagster een second opinion inwon. Hij was echter tevreden met de resultaten tot op dat moment. Toen de tandarts in 2017 met de behandeling begon beschikte hij, daarnaar door het RTG gevraagd, niet over in 2013 van klaagsters gebit gemaakte röntgenfoto’s. Hij heeft voorafgaand aan de behandeling ook geen nieuwe röntgenfoto’s gemaakt. De conditie van het tandvlees van klaagster was volgens de tandarts goed toen hij de behandeling startte. Hij had daar echter geen specifiek onderzoek (DPSI score) naar gedaan en het was hem niet opgevallen dat klaagster op dat moment een ontsteking had aan een wortelpunt. Wat de door hem geplaatste kronen en brug betreft vertrouwde hij op de tandtechnicus. Hij heeft niet gezien dat kronen niet goed aansloten en deels overhingen. De tandarts benadrukt dat klaagster hem geen deelgenoot had gemaakt van haar twijfels die haar brachten tot het inwinnen van een second opinion. Ook heeft zij hem niet de gelegenheid gesteld zijn werk naar behoren te voltooien. De communicatie hield eenvoudigweg plotseling op.

Beoordeling

Het RTG onderschrijft na bestudering van de van het dossier deel uitmakende mond- en röntgenfoto’s de bevindingen uit de second opinion. Zowel in de onderkaak als in de bovenkaak heeft de tandarts kwalitatief zo zeer te kort schietend werk verricht, dat het gebit hierdoor schade heeft opgelopen en dat de gehele ingreep opnieuw zal moeten worden uitgevoerd. Het RTG constateert dat de tandarts op vele vlakken onvakkundig heeft gehandeld. Voordat hij de ingreep begon, heeft hij onvoldoende vooronderzoek gedaan om zich te vergewissen van de toestand en de conditie van het gebit van klaagster. Daardoor heeft hij een bestaande ontsteking aan de wortelpunt over het hoofd gezien en de betreffende kies evengoed als brugpijler gebruikt. De tandarts heeft ook onvoldoende gecontroleerd of de door hem aangebrachte brug en kronen een goede pasvorm en randaansluiting hadden. Het is hem immers niet opgevallen dat deze deels niet aansloten en deels overhingen. Zijn verweer dat hij op de tandtechnicus heeft vertrouwd, miskent zijn eigen verantwoordelijkheid. Door zijn werkzaamheden heeft het gebit van klaagster schade opgelopen, wat door de tandarts nog steeds niet wordt onder- en erkend. Tijdens de zitting heeft hij laten blijken de ernst van zijn tekortschieten helemaal niet in te zien. Met zijn verweer dat klaagster plotseling de communicatie heeft gestaakt, gaat hij ook voorbij aan het feit dat klaagster hem na de door haar ingewonnen second opinion een aangetekende brief heeft gestuurd. Die heeft hij ontvangen, maar niet beantwoord. Al met al is het handelen van de tandarts volgens het RTG dermate in strijd met wat van een redelijk bekwaam en redelijk handelend zorgverlener mag worden verwacht, dat niet kan worden volstaan met een waarschuwing of berisping.

Beslissing

Het RTG bepaalt dat de inschrijving van de tandarts in het BIG-register voor zes maanden wordt geschorst, waarvan drie voorwaardelijk, met een proeftijd van twee jaar. Daarbij moet de tandarts binnen zes maanden na het onherroepelijk worden van de uitspraak dertig uur gecertificeerde bijscholing volgen.

Commentaar

Wat is hier een hoop mis gegaan. Tandheelkundig gezien kan ik me niet voorstellen hoe je zo’n enorm plan met hoge kosten zonder goed onderzoek en controle van je werk kunt uitvoeren. Dit is in de Nederlandse tandheelkunde hopelijk een uitzondering, maar ik zie in de praktijk regelmatig van dit soort kroon- en brugwerk uit het buitenland. Hoe ga je daarmee om? Er is een groep patiënten die wel graag een mooi gebit wil, maar de kosten in Nederland niet kan dragen. Voor deze mensen worden all-inclusive reizen naar het buitenland aangeboden, waarbij soms binnen een week het gebit volledig ‘opgeknapt’ wordt.

Later zie je deze mensen weer terug bij jou in de praktijk en constateer je net als in de casus, een rare beet of overhangende kronen. Wat moet je dan doen? De patiënt weer een vliegticket laten kopen? Het zelf opknappen met het risico dat als er later pijnklachten ontstaan, je zelf een klacht krijgt? Of laat je het gewoon zo en zie je ieder half jaar opnieuw een caviteit onder de kroonrand ontstaan en hoef je maar naar het tandvlees te kijken of het gaat al bloeden.

Juridisch gezien is het altijd lastig om zomaar andermans werk af te kraken of het allemaal opnieuw te gaan doen. Tandheelkundig willen we echter dat onze patiënten een gezond en stabiel gebit hebben. De patiënt uitschrijven met als reden dat ze zich zonder jouw medeweten bij een andere praktijk iets hebben laten behandelen, is in beginsel niet gegrond. Patiënten hebben immers recht op vrije artsenkeuze en mogen best voor een behandeling naar iemand anders toe. Een second opinion door een collega (eventueel naar keuze van de patiënt) en een duidelijk informed consent waarin je vastlegt wat de risico’s van behoud van de kronen of het herstel door jou, lijken mij essentieel om deze groep patiënten tevreden in je praktijk te houden.

Inge Henkens is tandarts in Amsterdam, jurist Gezondheidsrecht en eigenaar van adviesbureau Dentaxa

Deze rubriek bevat samenvattingen van uitspraken van de Regionale Tuchtcolleges (RTG) en het Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg (CTG) en de Geschilleninstantie Mondzorg. Iedere samenvatting wordt van commentaar voorzien door een onafhankelijk deskundige.

Total votes: 0
Lees meer over: Beklaagdenbank (NT)

0 reacties op Beklaagdenbank: mislukt kroon- en brugwerk