Trap er niet in: zes valkuilen van beginnende tandartsen

25 april 2018

Je bent net afgestudeerd en staat te trappelen om als tandarts aan de slag te gaan. Tegelijk zijn er onzekerheden. Wat komt er op me af? Waarmee moet ik rekening houden? Wat zijn valkuilen die ik moet vermijden? Het NT legde deze vragen aan de vooravond van het startersevenement ‘Kickstart 2018’ aan enkele starters voor.

  1. Twijfelen aan je eigen capaciteiten
    Je bent afgestudeerd, hebt in principe alle skills in huis om in de praktijk aan de slag te gaan, en dan bekruipt je dat onbehagelijke gevoel: kan ik het eigenlijk wel? Herkenbaar, vindt Maartje Vogels: ”Ik vond het erg spannend toen ik voor het eerst ging werken. En mijn angst werd bewaarheid: toen ik aan de stoel stond dacht ik regelmatig: hoe zat dat ook alweer? Het was alsof ik net mijn rijbewijs had: pas als er geen instructeur meer naast je zit, leer je echt autorijden. De eerste vullingen die ik heb gezet, waren dan ook niet zo mooi.” Volgens Stanley Pranoto van De Startende Tandarts.com een logische reactie. “Want je bént nu eenmaal niet ervaren. Dit kun je opvangen door bijvoorbeeld een controlefoto te maken als je twijfelt over de kwaliteit van je vulling. Wees kritisch en leg de vulling opnieuw als het niet goed is. Tegen de patiënt kun je gewoon eerlijk zijn: Het was een lastige vulling, ik ben niet tevreden en zou hem graag opnieuw doen.” Persoonlijk heeft Pranoto hier nog nooit een slechte reactie op gehad. Integendeel: zijn patiënten waarderen de kwaliteitscontrole en de extra tijd die hij voor ze nam. Als je het echt eng vindt om een bepaalde behandeling te doen, zorg er dan voor dat een andere tandarts in de praktijk weet dat je iets spannends gaat doen. En trek hem ook aan zijn jas als je een vraag hebt.

  2. Te snel te veel gaan werken
    Maartje Vogels hoort het regelmatig: jaargenoten die na de studie meteen 60 tot 70 uur per week zijn gaan werken, en na korte tijd al nekklachten hebben. Zij nam na haar studie eerst een paar maanden pauze. “Ik heb 2,5 maand gereisd en veel op het strand gelegen. Zo was ik helemaal opgeladen en ging fris aan de slag.” Ook bezocht ze in het begin van haar tandartscarrière preventief een fysiotherapeut. Die adviseerde haar oefeningen om haar nek en rug te verstevigen. “Daar heb ik nog steeds profijt van. Hij leerde me dat bijvoorbeeld dat ik tijdens het werken mijn kin een beetje moet intrekken, zodat mijn nek rechter staat.” Pijnklachten aan de nek, schouders en rug liggen voor iedere tandarts snel op de loer. Werken met een loepbril kan preventief zijn: daardoor is de werkafstand groter en wordt het lichaam gespaard. Er is wel even tijd nodig om te wennen aan deze manier van werken, dus gooi niet meteen de handdoek in de ring als je merkt dat een vulling zetten met een loepbril en een spiegeltje langer duurt.

  3. Bang zijn een klacht aan je broek te krijgen
    Jacco Maaier was nog maar een paar maanden afgestudeerd, toen een patiënt dreigde een klacht tegen hem in te dienen. “Terwijl er in mijn ogen niets was misgegaan. Ik had een uitgebreid plan voor een slijtagepatiënt gemaakt, en hem verwezen naar een endodontoloog, wegens een ontsteking onder zijn kies. De endodontoloog zei tegen mij dat het plan nog wat moest worden aangepast. Maar volgens de patiënt had de endodontoloog gezegd dat het plan onuitvoerbaar was. De kosten die hij al had gemaakt, eiste hij nu terug.” Maaier vermoedt achteraf dat de patiënt was geschrokken van de begroting en daarom met veel bombarie terugkrabbelde. “Dat iemand voor wie je zo je best hebt gedaan je een waardeloze tandarts noemt, deed wel een beetje pijn.” Uiteindelijk liep het met een sisser af, maar Maaiers werkplezier had wel een flinke deuk opgelopen. ”Het hielp dat mijn collega’s me steunden en adviseerden. En ik ben afspraken met patiënten nóg beter gaan vastleggen en laat ze tekenen voor consent. Dan heb ik dat achter de hand als iemand dreigt met een klacht.” Fouten ga je als tandarts sowieso maken, stelt Pranoto. “Dat klinkt cru, maar je bent ook maar een mens.” Het is vooral belangrijk dat je weet wat je moet doen als het fout dreigt te gaan: wanneer trap je tijdens de behandeling op de rem, wanneer haal je er een collega bij en wanneer verwijs je de patiënt. Als een patiënt met een klacht dreigt, zou hij vooral proberen te voorkomen dat het tot een klacht komt: ga pragmatisch met een klacht om. Met empathie voor je patiënt en een beetje coulance kom je een heel eind.

  4. Ervan balen dat je zo traag werkt
    Alle beginnende tandartsen zijn onzeker over hun tempo, vertelt Peter Vols die nu ruim een half jaar als tandarts werkt. “Ik had dat in ieder geval wel. Nu ik wat meer werkervaring heb, is mijn ervaring dat die snelheid vanzelf toeneemt.” “Het kan ook heel erg schelen als je goed gebruikt maakt van je assistent”, vult Pranoto aan. “Probeer directief te zijn: vertel je assistent in welke volgorde je wilt werken en welke instrumenten en materialen er moeten klaarliggen.” Bij Vogels werkte een andere tactiek: “Mijn accountant zei me dat ik in het begin het best in loondienst kon gaan werken. Dan was de druk om meer te kunnen verdienen niet zo hoog. Ik kon in mijn eigen tempo zo goed mogelijk vullingen leren leggen, totdat ik dat uiteindelijk bij wijze van spreken met mijn ogen dicht kon doen.”

  5. Kiezen voor het grote geld
    Vogels heeft de ervaring dat je als beginnende tandarts de praktijken voor het uitkiezen hebt. “En dan is de verleiding groot om te kiezen voor de praktijk die het hoogste omzetpercentage biedt. Ik vroeg me echter of ik daar wel gelukkig van zou worden en heb dat niet gedaan. ” Ook voor Maaier was het inkomen niet doorslaggevend bij de keuze voor een praktijk. “Vraag je af waar je meer aan hebt: geld of ervaring? Ik verdien hier niet de hoofdprijs, maar leer heel veel van mijn ervaren collega’s. Dat is me veel meer waard. Bovendien, ik hoef geen dure cursussen te volgen om mijn kennis bij te spijkeren.”’

  6. Terugdeinzen voor het werken met beperkte middelen
    In de eerste praktijk waar Peter Vols ging werken, ging het er anders aan toe dan hij vanuit de opleiding gewend was. ”Er waren niet veel verschillende materialen en dat vond ik best vervelend. Gelukkig zeur ik niet snel en probeer ik de uitdaging te zien. Dus leerde ik bijvoorbeeld endo’s te doen zonder elektronische lengtebepalers.” En ben je zzp’er, dan koop je bepaalde materialen toch gewoon zelf, zegt Pranoto. “Dan moet je vooral niet te bang zijn om zelf te investeren als dat je werk vergemakkelijkt.”

Bezoek kickstart met korting
De KNMT helpt startende tandartsen op weg met trainingen, adviezen en informatie (zie knmt.nl/starters). De beroepsorganisatie is ook hoofdsponsor van het evenement ‘Kickstart 2018’ dat op maandag 21 mei door De Startende Tandarts.com wordt georganiseerd. Tijdens dit evenement nemen verschillende sprekers de congresdeelnemers door de hele behandelflow mee, van intake tot finish. Ze gaan daarbij in op diagnostiek, oplossingen, behandelplanning, technisch handelen, finetuning en marketing.
Speciaal voor KNMT-leden geldt tot 14 mei een verlengde midbookkorting: studentleden betalen 55 euro in plaats van 65 euro en tandartsleden 225 euro in plaats van 250 euro. Aanmelden kan via www.destartendetandarts.com. Vul bij kortingscode uw lidmaatschapsnummer van de KNMT in.

Tekst: Rhijja Jansen // Beeld: Shutterstock

De namen van Maartje Vogels, Jacco Maaier en Peter Vols zijn op verzoek van de geïnterviewden gefingeerd.

 

Lees meer over: starters

0 reacties op Trap er niet in: zes valkuilen van beginnende tandartsen