Wijziging in het tuchtrecht per 1 april: wat moet u weten?

20 februari 2019

Het tuchtrecht – dat is geregeld in de Wet BIG - wordt per 1 april 2019 op een aantal punten gewijzigd. Deze wijzigingen kunnen relevant zijn voor u, zeker als u wordt  geconfronteerd met een tuchtklacht. Lees de veranderingen.

Een patiënt heeft naast het indienen van een klacht via de KNMT Klachtenservice, ook de mogelijkheid een tuchtklacht in te dienen bij het tuchtcollege voor de gezondheidszorg. Dit komt voort uit de Wet BIG, die per 1 april op een aantal punten is gewijzigd.

1. Tuchtklachtfunctionaris geeft advies aan klagers

Vanaf 1 april kunnen klagers de hulp inroepen van een tuchtklachtfunctionaris bij het opstellen en formuleren van hun klacht. Deze functionaris kan ook adviseren of het tuchtrecht de aangewezen route voor een klacht is.  

2. Klager betaalt griffierecht van 50 euro bij indienen klacht

Daarnaast moeten klagers 50 euro griffierecht gaan betalen. Als een klacht gegrond wordt verklaard, krijgt de klager het bedrag terug. Op dit moment betalen klagers nog niets als ze een klacht indienen bij het tuchtcollege.

3. Bereik tuchtrecht wordt verruimd

Ook het toepassingsbereik van het tuchtrecht wordt verruimd. Hierdoor kan ook het gedrag van de BIG-geregistreerde hulpverlener in een ander beroep of in het privéleven onder het tuchtrecht vallen. Hierbij kan bijvoorbeeld gedacht worden aan seksueel misbruik of ernstige mishandeling.

4. Voorzitter tuchtcollege kan meteen beslissen over eenvoudige tuchtklachten

Vanaf 1 april kan een klacht worden doorverwezen naar de voorzitter van het tuchtcollege, die daarna meteen een eindbeslissing kan geven zonder dat de klacht in de raadkamer of op een openbare zitting wordt behandeld. Zo kunnen eenvoudige tuchtklachten sneller worden behandeld.

5. Klager kan vergoeding kosten krijgen

Een tuchtcollege kan geen schadevergoeding toekennen. Wel kan er tot een kostenveroordeling worden besloten. Dat kan als een klacht (gedeeltelijk) gegrond wordt verklaard en er een maatregel wordt opgelegd. In dat geval kan het college bepalen dat sommige kosten die de klager heeft gemaakt, door de verweerder moeten worden vergoed. De klager moet daar wel eerst zelf een verzoek voor indienen. Er zijn drie soorten kosten die in rekening gebracht kunnen worden: reiskosten, deskundigenkosten en kosten die gemaakt zijn voor juridische bijstand.

6. Opleggen algeheel beroepsverbod als nieuwe maatregel mogelijk

Het tuchtcollege kan straks een nieuwe maatregel gaan opleggen, namelijk een algeheel beroepsverbod. Met het algeheel beroepsverbod wordt het mogelijk dat een zorgverlener niet meer als behandelaar van patiënten of bepaalde patiëntengroepen werkzaam mag zijn. 

7. Publicatie berisping en boetes niet langer vanzelfsprekend

Op dit moment worden berispingen en geldboetes standaard gepubliceerd. Vanaf 1 april gaat het tuchtcollege per zaak bepalen of het zinvol is om een dergelijke maatregel die is opgelegd, te publiceren. Dit moet onevenredige schade voor de betreffende zorgverlener voorkomen.

8. IGJ kan zorgverlener direct op non-actief stellen

De IGJ krijgt straks de mogelijkheid om een LOB op te leggen, een ‘last tot onmiddellijke onthouding van beroepsactiviteiten’. Dit betekent dat de IGJ een zorgverlener bij ernstig gedrag direct op non-actief kan stellen, in afwachting van een oordeel van de tuchtrechter. De Last tot onmiddellijke Onthouding van Beroepsactiviteiten is bedoeld voor uitzonderlijke gevallen, zoals bij bezit van kinderporno door een zorgverlener.

Lees meer over: tuchtrechtspraak

0 reacties op Wijziging in het tuchtrecht per 1 april: wat moet u weten?