Beklaagdenbank: Hand geweigerd

14 november 2019

Een patiënte weigert de uitgestoken hand van een mka-chirurg. Deze beëindigt daarop de behandeling, onder het mom van het ontbreken van een vertrouwensrelatie. Hoe ziet het Tuchtcolllege dit?

– Klacht –

Op 5 september 2017 had klaagster een afspraak in het ziekenhuis om haar verstandskies te laten trekken. Zij heeft zich toen bij de polikliniek gemeld in aanwezigheid van haar echtgenoot. Klaagster werd door een assistent de anamnese afgenomen. Met haar werd de gezondheidslijst doorgenomen en ingevuld en zij werd in afwachting van verdere behandeling geplaatst in de behandelstoel en ten behoeve van de aanstaande ingreep verdoofd. Toen de aangeklaagde mka-chirurg de behandelruimte binnenliep, stak deze zijn hand uit om klaagster te begroeten. Klaagster weigerde vanwege haar geloofsovertuigingen – enkele malen hierin volhardend – de uitgestoken hand. De mka-chirurg heeft vervolgens de behandeling afgebroken. Klaagster heeft met een verdoofde kaak maar verder onbehandeld de praktijk moeten verlaten.

Klaagster verwijt de mka-chirurg dat deze het leveren van zorg aan haar heeft geweigerd op basis van discriminatie op grond van geloofsovertuiging. Daarmee heeft hij de vrijheid van godsdienst en geloofsovertuiging overtreden maar ook zijn artseneed geschonden: “Ik stel het belang van de patiënt voorop en eerbiedig zijn opvattingen”.

– Verweer –

De mka-chirurg heeft erkend het leveren van zorg te hebben afgebroken voordat de behandeling van klaagster was beëindigd. Hij heeft de klachten en de daaraan ten grondslag gelegde stellingen evenwel bestreden en stelt dat hij het leveren van zorg niet heeft geweigerd op basis van discriminatie op grond van geloofsovertuiging. Hij had de intentie klaagster goede zorg te leveren, doch door hem de uitgestoken hand te weigeren, ervoer de mka-chirurg op dat moment onvoldoende basis voor een zodanige vertrouwensrelatie, die essentieel is voor een goede arts-patiënte relatie. De mka-chirurg heeft daarbij aangevoerd dat er geen sprake was van een spoedsituatie met klachten die een acute behandeling noodzakelijk maakten.

– Beoordeling –

Het RTG stelt vast dat er een behandelingsovereenkomst was tussen klaagster en beklaagde, inhoudende het trekken van een verstandskies. De behandeling hiervan was met de verdoving al begonnen. De mka-chirurg heeft deze behandeling eenzijdig afgebroken. Dit is op grond van artikel 7:460 BW niet toegestaan, behoudens gewichtige redenen. De mka-chirurg heeft aangevoerd dat de weigering van klaagster om zijn uitgestoken hand te accepteren bij hem een schrikreactie teweeg heeft gebracht, die tot een vertrouwensbreuk heeft geleid. Dit was voor de mka-chirurg een gewichtige reden om klaagster niet verder te behandelen.

Het RTG is het niet met de mka-chirurg eens en oordeelt dat deze zich onvoldoende professioneel heeft opgesteld. Toen klaagster bij de begroeting weigerde de mka-chirurg de hand te schudden, had beklaagde, hoezeer hij dit ook storend achtte, zich daar overheen moeten zetten, althans direct een andere gepaste oplossing in overleg met klaagster moeten zoeken. Door dit na te laten heeft hij gehandeld in strijd met de van hem te vergen zorg tegenover klaagster (ingevolge artikel 47, lid 1 onder a wet BIG).

Het RTG kan niet beoordelen of bij de opstelling van de mka-chirurg discriminatie op grond van geloofsovertuiging een rol heeft gespeeld, nu de mka-chirurg dit gemotiveerd ontkent en dit niet zonder meer uit de gang van zaken volgt. Tijdens de zitting heeft de mka-chirurg aangegeven zijn gedrag van destijds onjuist te vinden. Hij betreurt het dat hij niet in staat is geweest de situatie te laten de-escaleren, zoals hij dat gebruikelijk is te doen.

Namens de mka-chirurg is bij pleidooi bepleit dat bij een gegrondverklaring van de klacht het RTG, gezien artikel 69 lid 4 van de wet BIG, afziet van oplegging van enige maatregel. Het handelen van de mka-chirurg verdient evenwel een tuchtrechtelijke reactie door de oplegging van een maatregel. Daarvoor is het handelen ten opzichte van klaagster, die al verdoofd in de behandelstoel zat, te onzorgvuldig geweest. Bij de zwaarte van de maatregel neemt het College in het voordeel van de mka-chirurg in overweging dat hij ook in een eerdere fase van de klachtbehandeling zijn onjuist handelen heeft erkend.

– Beslissing –

Het RTG verklaart de klacht gegrond en legt de mka-chirurg een waarschuwing op.

– Commentaar –

Wat voor de één een beleefdheidsvorm is, is voor de ander een regelrechte schande. En andersom. De patiënte in de behandelstoel heeft vast vaker met deze situatie te maken gehad, dan de zorgverlener. Zij had natuurlijk ook beledigd of boos kunnen reageren op de uitgestoken hand, maar dat gebeurde niet. De mka-chirurg was wel beledigd, en daarmee legde hij zijn eigen omgangsvormen op aan zijn patiënt.

Maar wat zijn omgangsvormen? In de kern zijn het aangeleerde patronen, gewoontes en gebruiken. Omgangsvormen maken dat we niet hoeven na te denken bij veel voorkomende situaties, hoe te handelen. We voelen ons prettig als we weten wat er van ons verwacht wordt.

In het geval van de handdruk is dit in de westerse cultuur een uiting van een respectvolle begroeting. Bepaalde islamitische stromingen verbieden echter het schudden van de hand van een vrouw door een man (en andersom) omdat dit wordt gezien als een verleiding tot onrust (fitna). Het gaat niet om respect of geen respect, maar om een religieus gebruik.

In onze multiculturele samenleving is het belangrijk om je te verdiepen in de gebruiken van andere culturen. Dat getuigt ook van respect. Een alternatief voor het schudden van de hand van deze vrouw zou geweest zijn de hand op het hart te leggen en een lichte buiging te maken. Hoe hoffelijk is dat? Onze westerse etiquette schrijft dat ook voor: de gastheer past zijn gebruiken aan zijn gast aan, zodat die zich thuis voelt.

De discussie of een immigrant uit een niet-westerse samenleving zich wel of niet zou moeten aanpassen aan de Nederlandse gebruiken, hoort niet door zorgverleners in een behandelrelatie te worden gevoerd. NT

Mona de Vries-Meijer is letselschadeadvocaat en heeft tevens tandheelkunde gestudeerd (vrij doctoraal 1992)

Deze rubriek bevat samenvattingen van uitspraken van de Centrale Klachtencommissie van de KNMT, de Regionale Tuchtcolleges en het Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg en de Geschilleninstantie Mondzorg. Iedere samenvatting wordt van commentaar voorzien door een onafhankelijk deskundige.

 

Total votes: 6
Lees meer over: Beklaagdenbank (NT)

0 reacties op Beklaagdenbank: Hand geweigerd